| ISIS-code: | 04KC75 |
| Ingangseis: | toegelaten tot de onderzoeksmaster Kunstwetenschappen |
| OWI-code: | OKCA |
| LSG-naam: | Onderwijsinstituut Kunst- en cultuurwetenschappen |
| Onderdeel van: | Onderzoeksmaster Kunstwetenschappen (Master) |
| ECTS: | 5 |
| Semester/blok: | Semester 2 |
| Docent(en): | M. Bock; R. de Groot |
De module bestaat uit drie componenten. Allereerst wordt een reeks 'klassieke' auteurs en canonieke teksten behandeld. Daarbij wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de methoden waarmee zij kunst en cultuur onderzoeken, de bronnen die ze benutten, de begrippen die zij gebruiken, de geschiedenis daarvan en de theorieën die zij met meer of minder systematiek formuleren, alsook de kritische reacties daarop. Onder anderen Burckhardt, Huizinga, Elias, Bourdieu en Foucault worden als onderzoekers belicht. Zij figureren in de onderzoeksmaster als voorbeelden, die door andere onderzoekers worden gewaardeerd en gekritiseerd. Sommigen blijken relevant te zijn voor alle takken van kunst en voor alle disciplines, anderen ontlenen hun betekenis aan een specifiek vakgebied, zoals Taruskin voor muziekwetenschap en Darnton voor boekwetenschap.
Vervolgens komen voorbeelden van de canon in de kunsten zelf aan de orde, met aandacht voor de verschillende gebieden en genres, reacties en revisies, en de mate waarin klassieke auteurs canonieke voorbeelden hebben behandeld. De canon wordt cultureel erfgoed en ondergaat tegelijk voortdurende metamorfosen; deze dynamiek wordt in de module onderzocht.
Tot slot verzorgen de studenten zelf mondelinge presentaties, gevolgd door werkstukken met als onderwerp de relatie tussen theorievorming over de canon, het eigen onderzoek en de eigen specialisatie. Ze moeten hun persoonlijke visie op de plaats van hun onderwerp in de canon ontwikkelen en verdedigen. Daarmee oefenen zij zich in het wetenschappelijk debatteren.
werkgroep
wordt nader bekend gemaakt
wordt nader bekend gemaakt
actieve deelname aan de werkgroepzittingen, mondelinge presentaties, werkstukken